Voedselverspilling: verspil minder, bespaar meer
Voedselverspilling is een groter probleem dan u misschien denkt. In Nederland gooien we samen jaarlijks 2 miljard kilo eten weg; ongeveer 33 kilo per persoon. Maar elke boterham, appel of plak worst die we weggooien heeft een hele reis afgelegd: van boer tot fabriek, van vrachtwagen tot supermarkt. Dat kost niet alleen geld, maar ook de grondstoffen, water en energie die nodig waren om ons voedsel te produceren. Minder voedsel verspillen is dus goed voor het milieu én uw portemonnee.
In gemeente Bloemendaal bestaat ongeveer 38% van het GFT+E-afval uit verspild voedsel. Ongeveer 5% hiervan is weggegooid brood. Dit is nog los van het voedsel dat bij het restafval wordt weggegooid. Kortom, er valt nog veel te winnen. En vaak kunt u met een paar slimme gewoontes al een groot verschil maken.
Van 8 t/m 14 september is het de Verspillingsvrije Week, een initiatief van Samen tegen Voedselverspilling, om ons allemaal bewuster te maken van wat we kunnen doen om voedselverspilling tegen te gaan. Natuurlijk niet alleen tijdens de Verspillingsvrjie Week, maar het hele jaar door. Op de website van Samen Tegen Voedselverspilling(Verwijst naar een externe website) staan tips om minder te verspillen.
Minder verspillen begint bij slim boodschappen doen en opmaken wat u in huis heeft. Hieronder onze favoriete tips om u hierbij te helpen.
- 1. Bekijk uw voorraad voordat u boodschappen doet
Neem even de tijd om in uw koelkast, vriezer en voorraadkast te kijken. Wat ligt er nog? Wat moet binnenkort op? U voorkomt zo dat u dubbele producten koopt of eten laat bederven omdat u het simpelweg vergeten bent. Ook handig: maak een lijstje of foto van de binnenkant van uw (koel)kast als handige reminder. - 2. Plan uw maaltijden vooruit
Door een weekmenu te maken, bespaart u geld én voorkomt u verspilling. Kijk eerst naar wat er nog ligt en plan daaromheen uw maaltijden. Misschien heeft u nog een paar paprika’s of een halve zak spinazie? Online kunt u genoeg inspiratie vinden voor een lekker recept op basis van enkele ingrediënten. Plan ook een “restjesdag” in om de restjes op te maken. - 3. Maak een boodschappenlijstje en houd u eraan
Het klinkt misschien ouderwets, maar een lijstje werkt echt. U doet doelgericht boodschappen en koopt alleen wat u nodig heeft voor uw geplande maaltijden. Zo voorkomt u impulsaankopen. - 4. Koop liever kleine hoeveelheden, vaker
We doen vaak grote boodschappen in één keer, maar dat betekent ook dat verse producten sneller bederven. Probeer eens kleinere hoeveelheden te kopen, en liever twee keer per week, dan één grote lading. - 6. Zet nieuwe producten achteraan in uw kast of koelkast
Een kleine aanpassing met groot effect: zet nieuwe producten achteraan en schuif oudere producten naar voren. Zo gebruikt u vanzelf eerst wat er al lag, en belandt er minder in de afvalbak. Moet iets echt op? Zet het in het zicht of plak er een felle sticker op. - 7. Vries slim in
Heeft u brood of restjes over? Vries het in, met een datum erop. En eventueel in makkelijke porties. Zo kunt u precies gebruiken wat u nodig heeft en houdt u het overzicht in uw vriezer. Het voorkomt dat u alles tegelijk moet opeten omdat het anders bederft. - 8. Maak creatief gebruik van restjes
Wat overblijft na het avondeten kan vaak nog prima een tweede leven krijgen. Een paar gekookte aardappelen? Bak ze de volgende dag op. Een halve courgette of wat champignons? Perfect voor in een omelet, soep of pastasaus. Zo hoeft er nauwelijks iets weggegooid te worden. - 9. Deel uw restjes of geef het weg
Lekker gekookt en nog iets over? Maak er een buurvrouw blij mee, of bewaar het voor opa. Maar ook voedsel dat ongebruikt blijft liggen kunt u weggeven. Er zijn gelukkig steeds meer initiatieven die dit graag ontvangen. Zo heeft Vogelenzang sinds vorig jaar een eigen Voedsel Weggeef Kastje. (Lees hier meer over op website van Haarlem105(Verwijst naar een externe website)). Maar u kunt het bijvoorbeeld ook doneren aan de voedselbank. - 10. Gebruik uw zintuigen: Kijk, Ruik en Proef
Veel producten zijn na de THT-datum nog prima te eten. THT staat voor ‘Tenminste houdbaar tot’, en het is een richtlijn voor de houdbaarheid van voedsel. Maar vaak is iets nog lang te eten nadat de THT verstreken is. Gebruik uw ogen, neus en mond om te beoordelen of iets nog goed is, voordat u het weggooit. Kortom: Kijk, Ruik en Proef!